Marathon Eindhoven: waar pijn en vriendschap een nieuwe dimensie kregen

marathon-groep_Web

Wat bezielt je om een marathon te lopen? Ik weet het niet… ’t is een microbe, dat lopen. Op 14 oktober nam ik deel aan mijn eerste marathon, de Marathon van Eindhoven, zonder echt goed te weten wat me te wachten stond. Ik had intussen een week of 2 ervoor de Ecotrail van Brussel achter de rug en dacht dat ik daarna alles aankon. Ik had tenslotte al meer dan 8u achter elkaar afwisselend gelopen en gefietst en was daar min of meer zonder kleerscheuren uit gekomen. Wat was dan nog een marathon? Dat zou maar ongeveer de helft van de Ecotrail worden, in mijn ogen… I was horribly wrong…
Jess, Edith en ik vatten de tocht samen aan. Aangezien we aan ‘minimal training’ hadden gedaan, hadden we geen overdreven doel voorop gesteld. We zouden aansluiten bij de pacers (‘tempomakers’ voor minder marathon-minded people) van 4u30. Zo gezegd, zo gedaan en het ging goed!

Op 16 km kwam de top 5 al voorbij gezoeft. Allemaal blackies (Kenianen), zonder uitzondering. De eerste lus van 21km ging bijna moeiteloos. We zongen luidkeels mee met de bands en wuifden enthousiast naar supporters.
Enkele kilometers later begon ik wat verzuring te voelen in mijn benen. Conditiegewijs ging het echt top, MAAR… op 28 km eiste de zware verkoudheid die op mijn bronchen geslagen was en waardoor ik een 2 tal weken vlak voor de marathon nauwelijks had kunnen trainen, zijn tol. Mijn luchtpijp verkrampte, mede door de koude lucht en ik kreeg even geen lucht meer binnen. Ik deed teken naar Jess dat er iets mis ging, die op haar beurt de pacers verwittigde dat zij wel bij mij zou blijven. Ik kwam stilstaand, al piepend terug op adem en probeerde daarna in lichte looppas terug te lopen. We probeerden nog een tijdje de gele ballonnen in de halen, maar na enkele kilometers werd duidelijk dat ik ze definitief moest lossen. Ik kreeg het op dat moment mentaal nog een beetje moeilijker. Voor Jess was het de 4de marathon en ik vond het jammer dat ze niet gewoon kon doorlopen, dus spoorde ik haar aan de pacers in te halen. Zij was nog fris genoeg, maar ze weigerde resoluut om me achter te laten.


Van dat moment af begon de strijd. Door het stilstaan waren mijn benen volledig verzuurd en leken ze te gaan staken. Op een 10 tal km van de finish weigerden ze volledig dienst. Ik kreeg de ene voet nog nauwelijks voor de andere, alles deed extreem veel pijn. “Excruciating pain” werd een begrip met een duidelijk afgelijnde definitie. Jess ging naast me lopen en gaf me een duw in de rug. Dat leek de inspanning te halveren en zo liepen we enkele kilometers verder. Jess genoot van de aanmoedigingen die ons toegeschreeuwd werden, mijn blik stond op oneindig en ik zag of hoorde geen supporters meer. Ik moest eten, maar kon het niet. Ik liet de squeezy’s voor wat ze waren uit schrik dat ze er terug zouden uit komen en liep dus de resterende 14 km uit op water en 1 partje appelsien.
Dan… eindelijk de laatste kilometers in zicht. De blauwe matten en dansende vlaggen leken eindeloos. Ik probeerde aan niets te denken en beantwoorde alle vragen en opmerkingen met een soort gekreun om aan te geven dat ik er nog was… ongeveer. En dan kwam eindelijk die langverwachte, verdomde finishboog. Mijn gebruikelijk finish danspasje bleef achterwege. Ik kon wel bleiten. Zoals je op de foto’s kan zien, ben ik ook met de glimlach spaarzaam geweest. Ik was op, leeg,… Ik wilde gewoon in een heet bad glijden en de pijn voelen wegtrekken.


Bij deze wil ik Jess nog bedanken om over haar kleine, grommende sidekick te waken en me te verbieden op de busjes met ‘opgevers’ te stappen (vooral op km 39).

Met een duwtje in de rug… letterlijk… bereik je de eindmeet. Zo gaat dat in het leven. :-)

Om het geheel iets luchtiger af te sluiten, een prachtige finish van Ronald Meijer.
*Strike*

PS: weet je wat nog het raarst is? De dag na de marathon voelde ik enkel wat stijfheid in mijn ribbenkast en voelden mijn kniën gebruikt. Ik verwacht de dag erna algemene stijdheid, maar toen was alles weg. Dit is op z’n minst vreemd te noemen, niet?

Geplaatst door: Odile Desbeck